De arbeidsmarkt in 2040

In maart 2016 verscheen het interessante rapport over de ontwikkelingen van de arbeidsmarkt tot 2040, door AIAS, het Amsterdamse Instituut voor ArbeidsStudies, van de UVA Amsterdam. Het voorspelt ingrijpende veranderingen, maar ook veel continuïteit. Hieronder lees je de samenvatting en daaronder de link naar het volledige rapport.

Hoe zal de arbeidsmarkt er in 2040 uitzien?

De komende 25 jaar zal zich naar verwachting een aantal ingrijpende veranderingen voltrekken, maar een aantal andere aspecten van de arbeidsmarkt zal betrekkelijk weinig veranderen.

Trage veranderingen
De belangrijkste veranderingen worden vermoedelijk niet veroorzaakt door veel besproken trends als technologische ontwikkeling, flexibilisering en vergrijzing. Het zijn juist de tragere, maar gestage veranderingen die minder in het oog lopen, die de meest ingrijpende gevolgen hebben. Dat zijn de trends van de opmars van de werkende vrouw, de explosieve groei van deeltijdwerk, het langer doorwerken, de verdere groei van de dienstensector en de toename van het aantal hoog opgeleiden. In 2040 zullen/zal:
• evenveel vrouwen als mannen betaald werk hebben;
• drie op de vier werkenden een deeltijdbaan hebben;
• we gemiddeld tot 68-jarige leeftijd doorwerken;
• de helft van de beroepsbevolking hoog opgeleid zijn;
• nog maar een op de twintig werkenden in de landbouw, industrie of bouwnijverheid emplooi vinden.

Wat wijzigt niet?
Tegelijkertijd zal de arbeidsmarkt in een aantal andere opzichten betrekkelijk weinig veranderen. In 2040 zullen/zal:
• de helft van de werkenden 45 jaar of ouder zijn (nu is de helft ouder dan 42 jaar);
• drie op de vijf werkenden nog altijd een vast contract hebben (nu twee op de drie);
• we gemiddeld 12 jaar, een jaar langer dan nu, bij dezelfde baas werken;
• we per uur een derde meer produceren dan nu;
• nog steeds drie op de tien banen elementaire en lagere banen zijn (evenveel als nu);
• er geen grote onderklasse zijn ontstaan.
Een ontwikkeling die hier verder onbesproken blijft is de (im)migratie, omdat deze, ten eerste, onmogelijk te voorspellen is, en, ten tweede, in kwantitatief opzicht waarschijnlijk een beperkt effect zal hebben op de toekomstige arbeidsmarkt.

Gevolgen
De belangrijkste beleidsimplicatie van deze constanten en veranderingen is, dat instituties op het gebied van arbeidsmarkt en sociale zekerheid niet gebaseerd kunnen blijven op een standaard mannelijke voltijd werknemer met een ononderbroken loopbaan in een vaste baan. De variatie aan arbeidspatronen – arbeidsduur, contractvorm, loopbaan, sekse – zal zo groot worden dat er feitelijk geen standaard werkende meer is. Dit roept vragen op over de grondslag voor regelingen als het minimumloon, de werknemersverzekeringen en de pensioenen.

aias

Kijk hier voor het volledige rapport: AIAS De arbeidsmarkt in 2040